Zoeken

Pelgrimeren in corona tijd deel 11 Spoordonk - Knegsel 2 verhalen1 tocht.

Het is zaterdag 20 februari 2021. Het belooft een prachtige dag te worden, nog warmer dan gisteren. Ik besef me wat dat een mens goed doet. De aangename temperatuur, de zon, blauwe lucht. Bij de camping ontmoeten we onze dochter Josine en haar lief Gijs. Beiden zijn wandelaars in de bergen. Ze willen wel eens ervaren wat hun ouders zoal meemaken samen met Marijke. Door de coronatijd zijn de momenten van familie samen zijn sterk verminderd dus dit is ook weer fijn om met hen een dagje te zijn (net als gisteren een dagje met Renske). Ook deze dag begint Evert met lopen en neem ik het stokje over in Middelbeers. Het begint een ritueel te worden om de bandjes uit te reiken aan nieuwe lopers. Ook Josine en Gijs wensen we mooie inzichten en een goed samen zijn. Ik rijd het traject wat ze lopen en vind een prachtige plek aan een weiland voor de wissel. Onderweg koop ik als verrassing Bossche bollen. De rol van verzorger ipv van wandelaar voelt beter vandaag. Ze verrassen is leuk. Gisteren moest ik toch echt wennen aan het beperkte lopen. Het kaarsje heeft geholpen, aanvaarding, meegaan op de stroom. De stroom is anders maar wel leuk want op de plek waar ik wacht heb ik leuke gesprekken met mensen die langs wandelen. Het verslag van dit stukje van de wandeling is te lezen bij Marijke. Wel jammer dat ik de heilige eik heb gemist, misschien ga ik er nog een keer naar toe. Ze hebben het al leuk gehad tijdens de eerste 9 km.

Maar dan mag ik de wandelschoenen aan, heerlijk. Ik jubel even hardop dat ik op pad mag gaan en gelijk gaan we de natuur in, weer langs vennen en heide. De temperatuur is hoog voor de tijd van het jaar en dat voelen de dieren en planten ook. De krokussen springen open, we zien een hommel als een dronkaard door de lucht buitelen. Een bij vindt de eerste krokus en de citroenvlinders zweven achter elkaar aan. Op een boom zien we een nest vuurwandsen. De lente begint dit jaar voor mij op de Landschotse heide. Al snel komen we Evert tegen met de nugget op de mooiste plek om een lunch te gaan gebruiken. Nu niet om op te warmen bij de kachel maar buiten op stoeltjes in de zon. Er zijn menig jaloerse blikken van voorbijgangers. Dan gaan we weer op pad, af en toe stilte maar ook ruimte om verhalen uit te wisselen over tuinieren, over bushcraften en over werken en een carrièreplan. Heel boeiend vertelt de jongere generatie over dromen en wensen. Het carrièreplan gaat niet over meer geld maar over kwaliteit van leven. Eigenlijk altijd willen trekken en genoeg geld verdienen om te kunnen leven. De overige tijd aandacht geven aan de behoeftes van dat moment. Zelf heb ik niet echt een carrièreplan meer maar filosofeer over hoe de toekomst er uit ziet zonder Tekenpraktijk. Wie weet krijg ik op het pad goede inzichten welke ik keuzes ga maken. We lopen door Vessum met een centrum voor pelgrims. Helaas zijn hier pelgrims niet welkom in corona tijd. Dat pelgrims gevoel moeten we toch echt zelf maken. Ik lees net als Marijke het boek Duna. Daarmee kom je wel in de sfeer ook al speelt dat zich 1000 jaar geleden af. Het leuke is dat we vandaag pelgrims tegenkomen op het pad waar we een kort praatje mee maken.

We lopen langs Maaskant en bij Halfmijl voor het eerst door een glooiend landschap. Grafheuvels zijn in beeld. Dan zien we Evert in de verte aankomen lopen, dat betekent meestal nog een kilometer of twee. In Knegsel stoppen we deze 11e dag. Een waardevolle ontmoeting met elkaar en we sluiten af met een frietje. Daarna komt er nog een bijzonder persoonlijk verhaal van Marijke in coronatijd. Dit is te lezen in onderstaand blog van haar.


Pelgrimeren in Coronatijd deel 11 Marijke

Het was ontzettend warm vannacht. En in de vroege ochtend voelt het buiten aan alsof we aan de aanvang van een prachtige, zachte lentedag staan. Het is februari! Vandaag wandelen Josine en Gijs mee, de dochter en schoonzoon van Kitty en Evert. Ze staan al te wachten bij de ingang van de camping als we de slagboom passeren. Nog geen 100 meter na de start in Spoordonk gaan we al bijna de verkeerde kant op! Een aantrekkelijk dijkje langs de stroom blijkt helaas niet de route te zijn. Een oudere man staat naar ons te kijken als ik het boekje toch maar weer omdraai (ja, een vrouwending ik weet het) en ook de tekst nog maar eens hardop voorlees. We moeten langs de rand van het dorp lopen. De man beaamt dat nog even voor ons. Even verderop moeten we de snelweg oversteken. Onderweg passeren we een boerderij die heerlijk ver van alles in het landschap staat. Het gesprek komt op het onderwerp: hoe ver van eventuele buren of hoe ver van een dorp zou je willen wonen? Deze boerderij vinden we allemaal wel iets te alleen.

Aan de bosrand staat een witte kapel. Het is de Heilige eik kapel op landgoed Baest. Ik heb net vorige week het boek Duna van Bastiaan Dolmans gelezen over een meisje dat in de Middeleeuwen een pelgrimstocht maakt naar Rome, en daarna nog verder. We lopen bijna dezelfde route. Zij komt ergens in het verhaal ook een kapel in een bos tegen. Ik vraag me af of dat er net zoals hier heeft uitgezien. Ik vind de sfeer rondom deze kapel in het bos bijzonder. Het voelt heel vredig en rustig aan. De kapel is gewijd aan Onze Lieve Vrouw van de Heilige eik. Er zou in de 15e eeuw een Mariabeeld gevonden zijn door herders. Zij hebben het in een eik gezet en al gauw gebeurden er wonderen. Het beeldje is daarop in een houten kapel geplaatst. De huidig, witte kapel is in 1854 gebouwd. Het oorspronkelijke Mariabeeld staat inmiddels de kerk in Oirschot. Binnen in de kapel staat een Mariabeeld en ik steek een kaarsje op voor Kitty’s herstel.

Daarna is het opnieuw zoeken met de route. Gisteren ontdekten we blauwe bordjes met wat bleek: een gestileerde jacobsschelp. Dat is de route naar Santiago! Wij lopen echter het pelgrimspad en af en toe lopen die routes net niet gelijk. Dus blauwe bordjes volgen als je even geen rood-witte markering ziet, gaat niet altijd goed.Net na Middelbeers staat Kitty met de nugget, heerlijk in het zonnetje, bij een picknickbank. Ze heeft koffie en thee gezet en komt dan met een schaal Bossche bollen aanzetten! Super lekker! Kitty en Evert wisselen weer van positie en we wandelen met Kitty opnieuw een prachtig natuurgebied in: de Landschotsche heide. Ik ontdek de eerste hommel, die op deze zonovergoten eigenlijk nog niet lentedag, blijkbaar toch uit haar winterhol is gekropen. Ze wandelt nog wat onwennig over een kluit van een omgevallen boom. Niet veel later zien we de eerste citroenvlinders over het pad fladderen. Alles ontwaakt en komt tot leven. Nu maar hopen dat we niet nog zo’n vorstperiode krijgen.

De lunch wordt een heerlijke picknick in de zon net achter de nugget met gekookte eitjes en lekker vers brood. Vele voorbijgangers groeten ons en het woord: ‘’genieten” klinkt vaak. Iedereen lijkt blij buiten te zijn op de fiets of al wandelend. We ontmoeten in ieder geval veel meer mensen op onze weg dan de vorige dagen. We lopen met de jassen open, Gijs zelfs gewoon in t-shirt!

Stroming, dat is het woord van deze twee wandeldagen. Gisteren liepen we meerdere delen van de route langs stroompjes, riviertjes en beken. Vandaag komen we weer langs stromend water. Het past wel bij de periode waarin ik nu zit. Er is beweging en stroming, zaken komen boven en bewegen mee tot ik ze los kan laten en verder kan gaan. Interessant hoe Kitty haar vragen me bewust maken van de ‘fasen’ waar ik in zit of doorheen mag gaan.

Onze wandel-tweedaagse eindigt via het voormalig heksendorp Halfmijl in Knegsel aan een picknicktafel naast de lokale snackbar waar de rest friet haalt en ik geniet van een welverdiend ijsje. Al zittend met zijn allen aan die tafel voelt het alsof we iets doen wat ‘niet mag’. Het is bijna onwennig, maar wel erg gezellig.

De avondklok tikt en gelukkig kunnen Gijs en Josine mij afzetten in Den Bosch waar ik met een enorme sprint nog net de juiste trein haal. Vlakbij huis echter rijden er geen treinen en als ik dan in een verkeerde NS bus terecht kom, is het niet meer mogelijk voor 21 uur thuis te komen. Met de grote rugzak op de rug en mijn stok in de hand fiets ik snel door het dorp. Net voorbij de helft van de route, wanneer ik net het idee heb dat ik het ga halen, wordt ik staande gehouden door een politie auto. Het is inmiddels 21.20 uur. Waar ik naar toe ga? Naar huis. En waar ik vandaan kom? Knegsel. Daar heeft de agent nog nooit van gehoord. Dan moet ik uitleggen wat de stok te betekenen heeft. Als ik dan over ons wandelproject naar Rome vertel en de werkzaamheden van de NS en foute bus, mag ik zonder waarschuwing of boete naar huis. Ze wensen me nog een goede voettocht!


74 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven